Vrijheid, blijheid

‘Aha, een hele week het rijk voor jullie alleen, geniet ervan.’ ‘Profiteer van de vrijheid.’ Het zijn maar enkele van de sluikse, opgewekte reacties die ik krijg wanneer ik zeg dat ‘die twee’ een week op zomerkamp zijn.

Sluiks, want bij de felicitaties voor een-week-zonder-kinderen hoort een glimlachje dat iets suggereert. En we weten allemaal heel goed wát er wordt gesuggereerd: een week tijd voor losbandigheid, bacchanalen, oeverloos gezuip, boulimisch geschrans en promiscue uitspattingen. Vrijheid, blijheid! Het dak gaat eraf!

Maar vrijheid schuilt natuurlijk niet in de afwezigheid van anderen. Soms zijn ‘de anderen’ inderdaad de hel*, maar niet die twee. Die twee zijn op de wereld gezet om hier te zijn, niet om weg te zijn. Dat is geen vrijheid, dat is leegte (en oké, een zekere rust), dat is afstand, dat is gemis.
Vrijheid zit dus niet in hun afwezigheid. Waarin zit vrijheid dan wel? In een leeg agenda en een lege mailbox. Dagen zonder op tijd moeten zijn en zonder moeten tout court. Vrijheid zit ook in rondlummelen om het rondlummelen. Mogen zijn wie je bent. Dingen mogen doen en zeggen zonder direct oordeel, commentaar, jaloezie of afgunst. Vrijheid is iets schrijven dat niet moet worden gelezen, het is lopen zonder doel, denken zonder uitkomst. Vrijheid is ronddobberen in een boot op een meer, zonder meer.

IMG_5460Ik mis hun slaapkop bij het ontbijt, hun vermeende vechtpartijen in de zetel. Ik mis haar dansjes in de keuken en zijn uiteenzettingen over een PlayStation-spel. Ik mis zelfs hun ‘goh papa, pfff’ als ik politie-agent speel. Ik mis hen, maar ik geef hen graag de vrijheid om andere landen en mensen te ontdekken, om van alles te beleven, te zien, te leren, te proeven … om een week onafhankelijk en vrij te zijn.

 

*Vrij naar Jean Paul Sartre

Zweet

zij doet de oefening, werkt de training af

op het zuchtend tempo van haar adem

over het asfalt langs de beek

op het gejaagd kloppen van haar hart

over het grind van de dreef

op het drijvend ritme van de rolling stones

langs weiden en boerenvelden

spieren strak onder zwetend vel

de zon streelt haar gezicht

een glimlach in haar lijf

als zij de tijd heeft geklopt

en hij knielt voor haar

zijn koningin van de lange afstand

haar zweet is goud op zijn tong

David Van Bambost

www.eenzamehandschoen.com

Game of Fools

Een spel voor spelers van 18 tot 67 jaar.

Aantal spelers: zoveel mogelijk.
Spelleiding: Het Systeem.

Voorbereiding
Vouw het spelbord open.
Elke speler krijgt een ‘personage’-pion toegewezen door twee andere spelers en Het Systeem.
Schud de Magkaarten en leg deze omgekeerd op een stapel in het midden van het spelbord.

Spelverloop 
De spelers bewegen hun pion over het spelbord dat 365 vakjes telt.
Elke speler zet de pion (m/v/x) op het Startvak.
Er wordt om de beurt gedobbeld.
Noot: de dobbelsteen heeft 6 zijden met 1 punt. Elke speler verplaatst de pion bij elke beurt 1 vak.

Rode vakken
De meeste van de 365 vakken zijn rood ingekleurd.
Komt de pion op een rood vak, dan moet de speler dingen doen. Werken of tegenwerken. Werk zoeken, hopen, wanhopen en de job van je leven (al dan niet) vinden. Consumeren en consuminderen. Zwemmen, verzuipen en blijven zwemmen. Eten, overeten, diëten en eten, eten, eten. Kinders kopen, kweken en miskweken. Inspannen en ontspannen en weer inspannen. Lopen, voorlopen, achterlopen en een sprintje zetten. Analoog of virtueel druk, druk, druk doen. Dwarsliggen of kromliggen. Wachten, afwachten en verwachten. Meedraaien en doordraaien. Zoeken naar de figuurlijke naald in de spreekwoordelijke hooiberg.
Door alles te doen wat moet gebeuren omdat het moet gebeuren, verzamelt de speler Bonuspunten (zie verder).

Wachtvak
Het ‘doen van dingen’ gebeurt in een eindeloze loop en onder constante druk. De speler loopt het risico hierdoor ziek of gek te worden. Spelers die moeten afhaken, plaatsen hun pion op het vak ‘Wachten’ aan de rand van het spelbord.
De overige spelers en Het Systeem zetten spelers-in-wacht onder druk om zo snel mogelijk weer mee te draaien in het spel.

Gele vakken
De gele vakken bevinden zich per twee tussen de rode vakken.
Komt de pion op een geel vak, dan neemt de speler een Magkaart van de stapel in het midden van het spelbord.
De speler leest de Magkaart voor aan de andere spelers. Dan voert de speler uit wat op de Magkaart staat, dit kan met of zonder andere spelers.
Voorbeelden van Magkaarten: ‘U mag twee gele vakken gebruiken om een muur met gyproc te bekleden. U mag eerst naar de brico.’, ‘U mag naar een trouwfeest. Neem drie genodigden mee. Dans, doe zot, maar drink met mate!’, ‘U mag het gras afrijden, trek daar drie uur voor uit.’, ‘U mag twintig wielertoeristen bij elkaar zoeken en 80 km fietsen. Daarna mag u een half geel vak rusten.’, ‘U mag de verjaardag van de bomma vieren. U mag hierbij taart en cava nuttigen tot u ontploft.’, ‘U mag de dierentuin bezoeken met twee jengelende koters en een nukkige partner. U mag de dieren niet voederen.’, ‘U mag een volledig geel vak besteden aan het uitkiezen van meubels in een meubelwarenhuis. Honderden andere spelers gaan met u mee. U mag op het eerstvolgende gele vak opnieuw naar het meubelwarenhuis om de door u gekozen meubels in te wisselen voor andere meubels die u toch leuker vindt.’
Op een geel vak mag alles en moet niks. Niet zoals in ‘moet-moeten’. De spelers kunnen dus geen Bonuspunten verzamelen op gele vakken.

Groene vakken
Groen is dun gezaaid en komt voor in blokken van vijf tot twintig vakken. Komt de pion op een groen vak, dan mag de speler de verzamelde Bonuspunten inruilen voor T.V. (Totale Vrijheid). De speler mag dan de wereld ontdekken, op zijn (m/v/x) luie krent zitten of staan schilderen, maakt niet uit. Vrijheid, blijheid. Elke speler mag echter maximum twintig keer na elkaar op een groen vak staan. Dit om te voorkomen dat de speler lui wordt. Het Systeem houdt niet van T.V.  Wie van T.V. heeft geproefd, wil meer T.V. Daarom moeten spelers na enkele groene vakken onmiddellijk weer op een rood vak gaan staan.
Bemerking: spelers die geen bonuspunten verzamelden door op de rode vakken dingen te doen, hebben niet het recht om op een groen vak te staan. Zij gaan direct door naar het volgende rode vak. Zij ploeteren verder tot zij voldoende Bonuspunten hebben. Zij gaan niet langs start, zij ontvangen niks, zij mogen klagen en zagen en gewoon verder doen.

Einde van het spel
Na elke doorloop van de 365 vakken, zetten de spelers hun pion opnieuw op Start. Ter gelegenheid van deze doorstart vieren de spelers een feestje en steken zij zelfs vuurwerk af. Het spel eindigt nadat elke speler minstens 40 keer alle 365 vakjes heeft doorlopen.

Wie wint Game of Fools?
Dit spel kent geen winnaars, enkel gekken.

Goeiemorgen 

In de inkomhal van het loftcomplex waar ik werk, hangt sinds kort een gigantische zwart-wit foto van de gekapseisde Herald of Free Enterprise.

Het is een mooie reportagefoto. Je ziet een deel van de zijkant van de Herald die boven het water uitsteekt. Er staan twee mannen op het schip. Een van hen gooit een touw naar iemand op een ander schip dat vlakbij ligt. Een meeuw zweeft voorbij.

Door het opblazen van de foto is het beeld vrij korrelig. Dat draagt bij tot de desolaatheid van de enorme metalen constructie in het grijze water van de Noordzee.

Het gooien van het touw doet in eerste instantie aan redding denken.  Maar dit is niet de reddingsoperatie. Dit is niet de scène waarin reddingwerkers verdwaasde, verkleumde, panische slachtoffers van boord halen en helikopters hun zoeklichten over het zwarte water laten glijden.

Dit is ook niet de tweede akte met de duikers die de opgezwollen lijken uit de buik van het schip halen.

Dit is het derde bedrijf waarin zilte werkmannen het wrak weghalen en de vaarroute vrijmaken. Geen menselijk drama maar koud en hard werk.

Ik wens de touwwerpende werkmensen elke ochtend een ‘Goeiemorgen’ en ga zelf vol goede moed aan de slag met in gedachten de mensen die vechten voor hun leven, beseffen dat ze onherroepelijk gevangen zitten in het schip en koud zullen verzuipen in het onwrikbare water.

 

Koffiefilosofie

Ik heb soms de vreemdste gedachten. Denk ik. Op de vreemdste momenten. Denk ik. In mijn vaste koffiehuis bijvoorbeeld, op woensdagochtend. Ik denk natuurlijk in de eerste plaats aan de 30°-was die ik straks zal draaien én ophangen omdat mijn vrouw mij dat heeft gevraagd. Als ik het niet vergeet. Ik denk ook aan het vijfde hoofdstuk van het boek dat ik al tien jaar schrijf, maar dat niemand leest. Over hoe angst een leven overneemt. Ik denk aan de vrouw van 43 die hard vocht, maar niet heeft gewonnen. En hoe oneerlijk dat is. Van die gedachte word ik triest. Het was veel te vroeg. Het is altijd veel te vroeg.

Ik denk wat een koffiefilosoof denkt over mensen die koffie drinken. Die bewust ongeschoren man met het warrige haar, een schrijver waarschijnlijk. In zijn ogen zie je de droom van minstens één bestseller, van roem, optredens en vertaald worden in 24 talen. Waaronder het Farsi. De vrouw met het haar in een dot, grote gouden oorbellen, een alleenstaande mama van 35 met twee kinderen en een huis dat bijna is afbetaald. Uit het drukke getyp op haar Macbook (met iets anders val je hier uit de toon) borrelen inspiratie en ambitie op.

Aan het tafeltje in de hoek verstopt een vrouw zich achter een verse muntthee, ze is alleen en staart in het oneindige, haar blik vol melancholie over een liefde die niet mag zijn. Je voelt de twijfel, de tristesse. Maar zij houdt de moed erin, gaat door, geeft niet op. Dan is er de oma, een karakterkop weggelopen uit een Vlaams boerenepos, die duidelijk een moeilijk gesprek voert met iemand die vermoedelijk haar dochter is. Zij strijkt voor de honderdste keer door haar zilveren haar. Een tic? Of wrijft zij haar ergernis weg? Mijn haar naar achter strijken, ik zou dat ook doen als ik ergens ergernis over voel. Het is een gebaar waarmee je ogenschijnlijk de ergernis achter je laat. Had ik maar haar.

Naast mij zitten twee vrouwen, allebei op dezelfde manier hip gekleed, een spiegel van elkaar. Zij swipen druk door interieurspullen op Pinterest. Eindeloos op zoek naar inspiratie. In elke swipe schuilt een beetje hoop, een beetje toekomst. Een moeder buigt zich over een krijsende kleuter in een buggy en troost hem met een Lotusspeculoosje en een pluchen poes uit Zweden. Dat is liefde.

Wat zien die mensen in de hartvormige schuimlaag op hun cappuccino? Wat hangt er in de lucht tussen de zinnen van hun schijnbaar luchtige gesprekken? Misschien vinden zij ooit het ultieme geluk, misschien gaan zij ten onder aan wanhoop. En ik, ik lepel het bodempje schuim uit mijn koffiekop, trek mijn jas aan en ga op pad. Op weg naar andere gedachten. Gewoon zorgen dat ik niet bevries, dan komt alles goed.